Mr.drs. Johan de Wit

Mr. drs. Johan de Wit is onze voorganger. Hij is in Leiden en in Kampen opgeleid tot jurist en theoloog. Naar eigen zeggen heeft hij zijn theologische studie ervaren als een heel uitgebreide cursus algemene ontwikkeling.

 

De verbeelding waartoe de menselijke geest in staat is, blijft hem verwonderen en vanuit die verwondering spoort hij ons aan tot zelfonderzoek.

Alles begint en eindigt bij het kennen van jezelf en wat ons is overgeleverd uit de oude boeken en met name de leringen en uitspraken van Jezus helpen ons daarbij. Door het filter van de man uit Nazareth kunnen wij de wereld anders zien dan wij gewend zijn en dat is, aldus Johan de Wit, het grote geheim van religieus zijn.

 

De vrijzinnigheid is voor hem de enige geloofsrichting waarin het raadsel van de verhouding tussen God en mens en ons bestaan in deze wereld op een aanvaardbare en voorstelbare manier ter sprake gebracht wordt.


Overdenkingen:
de aartsvaders
15 maart 2026
onkruid in het korenveld
15 februari 2026
Angst en fascisme
18 januari 2026
Kerstoverdenking (heimwee)
25 december 2025
Herdenking overledenen
23 november 2025
de wonderbare spijziging
19 oktober 2025
de arbeiders in de wijngaard
07 september 2025
Tijd
06 juli 2025
Pinksteren
08 juni 2025
De genezing van de blinde
18 mei 2025
het lege graf
20 april 2025
Kain en Abel
16 maart 2025
Heb je vijand lief
16 februari 2025
hoe te leven
19 januari 2025
een kerstverhaal
25 december 2024
kerstoverdenking
25 december 2024
Herdenking overledenen
17 november 2024
De wonderbaarlijke visvangst
20 oktober 2024
de onrechtvaardige rentmeester
22 september 2024
Godsbeelden
16 juni 2024
Pinksteren
19 mei 2024
religie en natuur
21 april 2024
Pasen
31 maart 2024
De zaaier
18 februari 2024
De plaats die je inneemt
21 januari 2024
licht en liefde
25 december 2023
de rijke jongeling
19 november 2023
In de storm
22 oktober 2023
De grensoverschrijdingen van Jezus
10 september 2023
De zaligsprekingen
18 juni 2023
Het vijfde gebod (eert uw vader en moeder)
14 mei 2023
paasoverdenking
09 april 2023
Oordelen
19 maart 2023
De schepping
19 februari 2023
schepping of evolutie
22 januari 2023
kerstoverdenking 2022
25 december 2022
Het offer van Abraham
20 november 2022
Zorgen voor de dag van morgen
16 oktober 2022
De menselijke geest
18 september 2022
herbezinning
04 september 2022
Pinksteroverdenking
05 juni 2022
De Christus van Paulus
15 mei 2022
Paasoverdenking
17 april 2022
Jotam
20 maart 2022
De onzekerheid van de ziel
20 februari 2022
Overdenking (Jezus en de armen)
16 januari 2022
Kerstoverdenking Zeist
25 december 2021
Grenzen van het ego
12 december 2021
Ruth
21 november 2021
Twijfels
17 oktober 2021
Overdenking (Jeremia en Jezus)
19 september 2021
Overdenking (David en Goliath)
15 augustus 2021
demonen
13 juni 2021
Pinksteroverdenking
23 mei 2021
Kerstoverdenking 2020
25 december 2020
150 jaar vrijzinnigheid
22 november 2020
De rijke jongeling
18 oktober 2020
Omgang met elkaar
20 september 2020
overdenking
16 augustus 2020
de creativiteit van eva
21 juni 2020
Paasboodschap 2020
12 april 2020
overdenking Jezus
16 februari 2020
Overdenking Simson
19 januari 2020
kerstoverdenking
25 december 2019
de vrijheid van Paulus
15 december 2019
overdenking
24 november 2019
spiritualiteit toen en nu
20 oktober 2019
Overdenking (wantrouwen machthebbers)
15 september 2019
klein en groot
01 september 2019
Pinksteroverdenking
09 juni 2019
de vrouw
19 mei 2019
de zin van religie
20 januari 2019
spiritualiteit van kerst
25 december 2018
Het kinderpardon
09 december 2018
Vertrouwen
09 december 2018
overdenking (verlies van godsbeelden)
25 november 2018
Overgangen
21 oktober 2018
De anderen
02 september 2018
De richting van je leven
17 juni 2018
Overdenking Pinksteren (bezinning)
20 mei 2018
paasoverdenking
01 april 2018
innerlijke tegenkracht
18 maart 2018
De verlamde man
19 februari 2018
Toren van Babel
21 januari 2018
Kerstoverdenking
25 december 2017
Job
26 november 2017
De zondebok
15 oktober 2017
Het tiende gebod
17 september 2017
vrijheid
03 september 2017
overdenking Pinksteren
04 juni 2017
Meimaand Mariamaand
14 mei 2017
Overdenking Pasen 2017
16 april 2017
Blijf niet staren op wat vroeger was
19 maart 2017
Het nut van religie
19 februari 2017
overdenking kerst
25 december 2016
Beloften
11 december 2016
De roeping van Mozes
20 november 2016
Licht
16 oktober 2016
De ongrijpbaarheid van de liefde
18 september 2016
Schuld en schaamte
03 juli 2016
Angst
19 juni 2016
Pinksterpreek
15 mei 2016
Paaspreek
27 maart 2016
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan
21 februari 2016
Het vijfde gebod
17 januari 2016
Kerstpreek 2015
25 december 2015
Menselijk tegenover
21 juni 2015
De trooster, heilige geest
17 mei 2015
Macht
15 maart 2015
Grondhoudingen van het koninkrijk
15 februari 2015
Kerstpreek 2014
25 december 2014
Richteren11: 29-35
16 november 2014
Correcties van de ziel
19 oktober 2014
Lazarus
21 september 2014
Licht
18 mei 2014
Paaspreek 2014
20 april 2014
De heilige geest
16 maart 2014
De bruiloft te Kana
16 februari 2014
De verloren zoon
19 januari 2014
Identiteit
17 november 2013
Eerbied voor de schepping
20 oktober 2013
Onze schaduw
15 september 2013
De ander
16 juni 2013
Pinksterpreek
19 mei 2013
Luchtfietserij
21 april 2013
Paaspreek 2013
31 maart 2013
Het koninkrijk van Jezus
17 maart 2013
Bildung
17 februari 2013
Wetenschap en wijsheid
27 januari 2013
kerstpreek 2012
25 december 2012
Wat blijft en voorbijgaat
18 november 2012
Geest
21 oktober 2012
Religie
16 september 2012
Verlangen naar eenheid
17 juni 2012
Het buitenissige
20 mei 2012
De kunst van het liefhebben
18 maart 2012
Verwachtingen
19 februari 2012
Idealisme
29 januari 2012
kerstpreek 2011
24 december 2011
Mens en tijd
20 november 2011
Vrijzinnigheid
16 oktober 2011
Wat beweegt ons?
04 september 2011
Het verlangen naar macht
15 mei 2011
Het verlangen naar macht
17 april 2011
Religie en wetenschap
20 maart 2011
Beeldvorming
20 februari 2011
De grenzen van het ego
23 januari 2011
Kerstpreek 2010
25 december 2010
Richting zoeken
27 november 2010
Metamorfosen
21 november 2010
Het goede leven
19 september 2010
Het 7e zegel
20 juni 2010
Hoeders
18 april 2010
Het onzichtbare christendom
21 maart 2010
Mozes
21 februari 2010
Simson
17 januari 2010
De Christus
15 november 2009
Hebben en zijn
18 oktober 2009
Een eigen weg
06 september 2009
Bevrijding door liefde
05 juli 2009
De verborgen Jezus
21 juni 2009
Leven in verhalen
17 mei 2009
Betekenis van het Evangelie
19 april 2009
De ander
15 maart 2009
Geest van de waarheid
15 februari 2009
God als geheim in ons leven
25 januari 2009
Kerstpreek 2008
25 december 2008
Verzet en overgave
21 december 2008
Tien geboden
16 november 2008
Relatie mens/natuur
19 oktober 2008
Het mysterie mens
21 september 2008
De geest
18 mei 2008
Liefde als leidraad
20 april 2008
Symbolen
13 april 2008
Exodus
30 december 2007
De 2e kant van de mens
16 december 2007
Geloven in de toekomst
09 december 2007
Natuur
02 december 2007
Trouw aan jezelf
26 november 2007
Projectie
19 november 2007
Geloof, hoop en liefde
12 november 2007
Vergeving
05 november 2007
Het leven als geschenk
28 oktober 2007
Ziel en geest
21 oktober 2007
Hoop
14 oktober 2007
Onderweg
07 oktober 2007
Martha en Maria
30 september 2007

onkruid in het korenveld

Kern van de overdenking

De eigenlijke vraag die Jezus in deze gelijkenis volgens mij stelt, is of wij geduld kunnen oefenen om de dingen te laten groeien. Want dat geduld hebben wij normaal gesproken niet. Net als de slaven uit de vertelling kunnen wij vaak niet wachten om wat wij als onkruid beschouwen uit de wereld te helpen en dat loopt maar al te vaak niet goed af.

 

Overdenking

 

Bijbeltekst: Matt.13:24-30

Matteűs geeft in de verzen 36-44 van dit hoofdstuk een uitleg van de betekenis van deze gelijkenis. Volgens die uitleg is het de mensenzoon die het goede zaad zaait en staat de akker voor de wereld. Het onkruid, dat zijn dan de kinderen van het kwaad en de vijand die het zaait is de duivel. De oogst staat voor de voleinding van de wereld en de maaiers zijn de engelen. Aan het einde der tijden zullen de kinderen van het kwaad in het vuur geworpen worden en de rechtvaardigen zullen in het koninkrijk van de Vader stralen in de zon.

 

Deze uitleg is ten zeerste tijdgebonden. Bijna 2000 jaar geleden stond het geloof aan God in het teken van straf en beloning. In het hiernamaals werd de slechten de hel bereid, maar kwamen de goeden in de hemel. Dat geloof past niet meer in het denkraam van de vrijzinnige mens van nu.

Ik veroorloof me dus om bij deze gelijkenis naar andere betekenissen te zoek dan Matteűs, die in zijn interpretatie aansluit bij de profetische voorzeggingen uit het OT.

 

De eigenlijke vraag die Jezus in deze gelijkenis volgens mij stelt, is of wij geduld kunnen oefenen om de dingen te laten groeien. Want dat geduld hebben wij normaal gesproken niet. Net als de slaven uit de vertelling kunnen wij vaak niet wachten om wat wij als onkruid beschouwen uit de wereld te helpen en dat loopt maar al te vaak niet goed af.

 

Denk aan het onkruidverdelgingsmiddel waarmee we de tuin te lijf gaan. Na verloop van tijd blijkt dat op sommige plekken teveel van dat middel is terechtgekomen en daar niets meer wil groeien. Op die plekken wil niets meer leven. Er is te veel gif opgehoopt en daar gebeurt gewoon niets meer. In de akkerbouw hebben de lessen uit het verleden ons geleerd wat er gebeurt als we de bodem willen zuiveren en alleen willen laten groeien wat ons nuttig voorkomt. Aanvankelijk gaat alles goed: de grond is zeer vruchtbaar, de oogsten zijn overvloedig. Maar gaandeweg ontstaat een situatie waarin steeds minder nuttige gewassen willen groeien en moeten we steeds meer verdelgingsmiddelen gebruiken en kunstmest, chemische middelen om de levende organismen die wij willen oogsten, te beschermen tegen andere levende organismen.

 

Sinds de laatste decennia van de vorige eeuw groeit bij ons het besef dat wij op die manier een kunstmatige wereld scheppen. We isoleren de nuttige gewassen met al deze bestrijdingsmiddelen, maar we verliezen daarbij uit het oog dat organismen op den duur alleen kunnen overleven in samenhang met andere organismen. In de biologische landbouw wordt een poging gedaan om die samenhang te herstellen en te benutten voor een opbrengst waarbij het accent niet in de eerste plaats ligt op de kwantiteit maar op de kwaliteit van het het geoogste product.

 

Laten we dit nu eens doortrekken naar wat de geschiedenis ons leert over het menselijk handelen. Daar zijn de nodige voorbeelden te vinden van wat er gebeurt als het ongeduld om alles wat als verkeerd en slecht beschouwd wordt, de overhand krijgt. In naam van het goede vinden meermalen de meest verschrikkelijke dingen plaats. De geneigdheid van mensen die de wereld willen zuiveren van alles wat naar hun ideologie als slecht en negatief gezien wordt, heeft ontstellend veel onheil gebracht. Hun fanatieke wil tot het goede heeft revoluties gebracht, heilige oorlogen, razzia's, uitroeiing van hele volken en vernietiging van alles wat van waarde is.

 

In naam van het goede en zuivere heeft de inquisitie geopereerd, in naam van het goede geven leiders van volken opdracht aan hun soldaten om opstanden bloedig neer te slaan en zij doen dit misschien ook nog wel met een zuiver geweten. Hun doelen heiligen alle middelen, ook het begaan van de gruwelijkste wreedheden.

 

En niet zelden begint het met godsdienst. Het spreken over God en het nadenken over de mogelijke bedoelingen van die God is in het algemeen voorbehouden aan een bepaalde klasse of stand van priesters en theologen. En hun uitgangspunten worden gevaarlijk als ze er de pretentie op na houden dat hun denken en hun ideeën logisch en in overeenstemming zijn met wat de bedoelingen van hun God zijn.

 

Tenslotte monden hun overtuigingen uit in een een stellige leer en ondubbelzinnige antwoorden die die leer eens en voor altijd bevriest en in steen beitelt. Wie die leer uit het hoofd leert en op gewenste tijdstippen kan nazeggen, is dan een vroom mens die er bij hoort. Maar als blijkt dat er ook mensen zijn die hun geloof op hun eigen persoonlijke wijze willen naleven en de regels van de gevestigde theologen niet willen naleven, is de reactie er in heel veel gevallen een van geweld. In onze tijd zien we dat bij de ayatollahs in Iran en in landen waar christenen of moslims worden vervolgd door rivaliserende groepen gelovigen. Het gebeurde in Scebrenica, het gebeurt in Myanmar en het gebeurt in Sri Lanka. De lijst is helaas nog veel langer dan ik hier weergeef.

 

In het NT is Jezus aan het woord. Hij wijst de traditionele manier waarover God gesproken wordt af en hij bestrijdt inzichten van de theologen van zijn tijd, onder andere die van de farizeeërs en de sadduceeën. Hij spreekt in zijn gelijkenissen heel anders. Hij neemt voorbeelden uit de dagelijkse praktijk en verbindt daaraan de vraag hoe wij als mensen reageren op zo'n voorbeeld. Het gaat hem er niet om om zijn gehoor iets te leren over feiten of gedachten, het gaat hem erom om zijn gehoor de ontmoeting met wat er in hun innerlijk leeft tot stand te brengen. Uit die ontmoeting met wat er werkelijk in hen leeft komt dan de herkenning met de grenssituaties van het menselijk bestaan. Je kunt het ook eenvoudiger zeggen: de gelijkenissen zijn spiegels van de ziel en Jezus houdt zijn toehoorders die spiegels voor.

 

Daar gaat het in wezen ook in deze gelijkenis om. Laat iets groeien voordat je de acties neemt waartoe je je gedrongen voelt. Met andere woorden: laat groeien wat zich in je ziel bevindt, in het onvoorwaardelijk vertrouwen dat het goede tenslotte overwint. Je mag het leven dat je is geschonken in alles vertrouwen, je mag bestaan in de overtuiging dat de wereld waarin je bent niet verkeerd geschapen is. Wat in je hart leeft verdient het om het de rust te geven waardoor het kan groeien. Er is geen verlangen, geen fantasie, geen wens die geen recht van bestaan heeft en dat is het fundament van levenskunst: niet uitroeien, niet bestrijden of weerstaan, maar laten groeien.

 

Misschien is juist het grote gevaar dat ons ongeduld om af te rekenen met wat kwaad is in onze ogen, juist het tegenovergestelde van het zuiver goede bewerkstelligt. Ook daarin kunnen we leren van de geschiedenis.

 

In alle revoluties hebben mensen het zuivere en het goede nagestreefd. Revolutionairen wisten heel precies wat vooruitgang zou brengen en wat de reactie hierop was. Zij wisten heel heel nauwkeurig wat de mensheid van morgen zou baten en wat het succes in de weg stond. Voor afvalligen, voor reactionairen, voor verraders stond het schavot klaar. Zij, de revolutionairen, konden niet snel genoeg in actie komen want de broederschap, de gelijkheid en de vrijheid, die grootse en heilige doelen, zij konden niet snel genoeg verwezenlijkt worden. Maar als we die idealen onvoorwaardelijk nastreven, dan worden het onbarmhartige idealen. Zij worden wreed en scheppen een ideologie die uitmondt in terreur.

 

Wij kunnen met mensen nu eenmaal niet omgaan alsof ze bestaan uit nuttige planten en onkruid, als planten die eetbaar zijn en oneetbaar. Als we denken dat we het verschil tussen de goeden en de slechten heel duidelijk kunnen zien en we daar puur rechtlijnig mee omgaan, dan vergissen we ons gruwelijk en richten we alleen maar schade aan.

De bijbel zelf bevat een fantastisch verhaal over de gevolgen van rechtlijnig en onbarmhartig handelen door God zelf. God, zo zegt het verhaal, keek naar de wereld en was vervuld met wrevel over wat hij zag. De wereld beviel hem volstrekt niet, want die wereld was door mensen bedorven. En God was hier zo vertoornd over dat hij het liet regenen om de wereld schoon te wassen en te reinigen van die mislukte mensen. De zondvloed brak los. Het is het bijbelse voorbeeld van de rechtlijnigheid van God en de gevolgen daarvan. God treedt hier volkomen ondubbelzinnig op en handelde helemaal overeenkomstig zijn ideaal. Hier is sprake van een God die niet toelaat dat de wereld voor meer dan een uitleg vatbaar is, die niet accepteert dat het kwaad vaste wortel schiet.

 

Dit verhaal gaat nog een heel hoofdstuk door. En dan, zo zegt de bijbel, krijgt God spijt van wat hij gedaan heeft en hij besluit nooit meer een zondvloed over de aarde te zenden. Hij stelt zijn vertrouwen in Noach, wiens naam rust betekent en stelt hem in staat om een nieuw begin te maken.

 

Als mensen zijn wij steeds onderweg, zijn we voortdurend aan het zoeken, wij zijn niet volmaakt, wij zijn wezens met gevoel, wij zijn niet zuiver geestelijk, we tasten om ons heen en balanceren maar al te vaak tussen dwaasheid en waarheid. Wij leven niet in een voorspelbare wereld met een zuivere orde die zich volgens een ijzeren wet telkens opnieuw reproduceert. De schepping waarin wij staan is een smeltkroes van steeds weer terugkerende wisselwerkingen tussen alles en alle dingen. Het leven brengt spanningen met zich mee en je kunt die spanningen niet opheffen door alles uiteen te rafelen en te sorteren naar goed of kwaad.

 

De vraag van Jezus is ten diepste wat ons de kracht geeft om het uit te houden en met een lange adem met deze wereld op weg te gaan. Als het juist is dat er geen goed is zonder kwaad, dat naast de graanhalm ook onkruid opgroeit, dan moeten we het laten groeien en het aan het verloop van de tijd overlaten wat daaruit moet worden. Bij geen echt menselijk probleem is het een kwestie van alleen maar zwart of wit, goed of kwaad, juist of verkeerd.

 

De beslissing tussen goed of kwaad kun je niet nemen als je geen geduld hebt. Je kunt het leven niet sturen met snelle handelingen die het kwaad moeten uitroeien tegen elke prijs. Je kunt pas in actie komen als je hebt kunnen zien in hoeverre het onkruid dat je niet wenst, de oogst die je voor ogen stond bederft. Daar is geduld voor nodig en dat geduld moeten wij ons aanleren als we met ongewenste ontwikkelingen te maken krijgen. Dat is voor mij de kern van deze gelijkenis over het onkruid in het korenveld.